RASCI
De kern van procesmanagement is het sturen op resultaten. Een proces moet daarom exact inzicht geven in de vraag wie verantwoordelijk is voor welk resultaat en wie welke activiteiten verricht bij de totstandkoming en het gebruik van het resultaat. Voor de beschrijving van deze taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden (TVB’s) vormt de RASCI–module een algemeen geaccepteerd uitgangspunt.
De RASCI module is een methode waarbij op een eenvoudige en praktische wijze bedrijfsprocessen in kaart worden gebracht. Het doel van deze procesbeschrijving is de medewerkers en het management duidelijk te maken wat er van hen door de organisatie verlangd wordt.
Bij de procesbeschrijving worden de bedrijfsprocessen in een stroomdiagram gevisualiseerd. Binnen dit diagram koppelt de RASCI-methode taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van medewerkers aan de uit te voeren activiteiten. Op deze manier wordt ook de onderlinge relaties tussen medewerkers in relatie tot deze activiteiten zichtbaar. Het resultaat is een handzame en transparante procesbeschrijving.
De RASCI-methode komt uit Amerika en is een afkorting voor de rollen die binnen een organisatie aanwezig zijn. De methode gaat uit van het principe dat er niet meer dan vijf soorten rollen bestaan richting een activiteit:
| R | Responsible | Wie is verantwoordelijk voor het uitvoeren van de activiteit? |
| A | Accountable | Aan wie moet verantwoording afgelegd worden? |
| S | Supportive | Wie kan support geven? |
| C | Consulted | Wie moet geraadpleegd worden? |
| I | Informed | Wie moet geïnformeerd worden? |
De relatie tussen de verschillende medewerkers en de rol(len) die zij vervullen, wordt duidelijk gedefinieerd binnen de RASCI-methode. Op deze manier maakt de methode overlap in activiteiten, overbodige activiteiten, onduidelijkheid en nalatigheid zichtbaar. Zodoende zal de effectiviteit van de organisatie verbeteren.






